⌂   Startƒ   Bewijzen en algebraïsch redeneren
WISKUNDE OEFENEN · ALTIJD GRATIS

Bewijzen en algebraïsch redeneren oefenen – HAVO 5 wiskunde D

Een identiteit onderbouwen met een sluitende algebraïsche redenering.

HAVO 5 · Wiskunde DVoorbereiding op het schoolexamenAndere leerroute ↗
UITLEG · VOORBEELD · ZELF DOEN

Bewijzen en algebraïsch redeneren begrijpen

Na deze les: Je onderbouwt een identiteit met algemene algebraïsche stappen.

Voor je begint: Wiskundige vaardigheden

Een goede oplossing toont aanpak, tussenstappen, controle en betekenis van de uitkomst.

Gebruik een model alleen binnen zijn bedoelde domein. Schrijf bij twijfel op wat je weet, wat je aanneemt en wat je nog moet controleren.

1. Wat betekent dit en waarom werkt het?

Een bewijs maakt duidelijk waarom iets voor alle toegestane waarden geldt. Een identiteit is geen vergelijking waarbij je slechts één x zoekt. Werk bij voorkeur vanuit één kant naar de andere met bekende, geldige rekenregels. Geef domeinvoorwaarden aan bij delen of worteltrekken. Een paar ingevulde voorbeelden kunnen fouten opsporen, maar vormen geen bewijs.

\[(x+a)^2-x^2=2ax+a^2\quad\text{voor alle reële }x,a\]

Lees de formule samen met de uitleg. Benoem wat elk symbool voorstelt voordat je getallen invult.

2. Een aanpak die je kunt volgen

  1. Noteer wat gegeven is en wat je moet aantonen.
  2. Werk één kant uit met geldige identiteiten.
  3. Benoem de conclusie en controleer of voorwaarden onderweg nodig waren.

3. Uitgewerkt voorbeeld

De opgave
Bewijs dat (x+3)²−x²=6x+9 voor iedere reële x.

  1. Werk het kwadraat uit: (x+3)²=x²+6x+9.
  2. Trek x² af: x²+6x+9−x²=6x+9.
  3. Alle stappen zijn identiteiten, dus de conclusie geldt voor elke reële x.

Zo controleer je het: Bij x=0 en x=2 klopt het ook. Dat is een extra controle, niet de reden dat het bewezen is.

Een veelgemaakte fout

De uitspraak die je wilt bewijzen als aanname gebruiken is een cirkelredenering. Delen door een mogelijk nul zijnde uitdrukking vraagt een gevalsonderscheid.

Verdieping en verantwoord gebruik

Wiskundig communiceren betekent dat een andere lezer je redenering kan reproduceren. Benoem definities, aannames en uitzonderingen.

Controleer: zijn definities, eenheden en afrondingen duidelijk? Kan een andere leerling je stappen herhalen? Welke uitzonderingen of onzekerheden kunnen het antwoord veranderen?

4. Nu jij

Bewijs dat het verschil van de kwadraten van twee opeenvolgende gehele getallen oneven is.

Probeer eerst zelf. Schrijf de tussenstappen op en controleer je uitkomst voordat je de uitwerking opent.

Bekijk het antwoord en de redenering

(n+1)²−n²=2n+1. Voor een geheel n is 2n even en dus 2n+1 oneven.

Oefen bewijzen en algebraïsch redeneren →

HAVO 4 · Wiskunde B · Een bijpassende opgave opent direct.

Officiële oriëntatie: SLO over havo/vwo-curricula · CBS open data en definities. Deze bronnen helpen bij curriculum- en datataal; ze vervangen geen docent, examenreglement of persoonlijke beoordeling.