WISKUNDE-ENCYCLOPEDIE · STAP VOOR STAP LEREN

Goniometrische vergelijkingen uitgelegd

Alle oplossingen van een sinusvergelijking op een interval vinden. Lees de uitleg, bekijk het voorbeeld en oefen daarna zelf.

UITLEG · VOORBEELD · ZELF DOEN

Goniometrische vergelijkingen begrijpen

Na deze les: Je vindt alle oplossingen van een goniometrische vergelijking op een interval.

Voor je begint: Goniometrische voorkennis

Ken de eenheidscirkel, radialen, tekens per kwadrant en de betekenis van periode, amplitude en fase.

Gebruik een model alleen binnen zijn bedoelde domein. Schrijf bij twijfel op wat je weet, wat je aanneemt en wat je nog moet controleren.

1. Wat betekent dit en waarom werkt het?

Sinus en cosinus herhalen zich en nemen binnen een periode vaak tweemaal dezelfde waarde aan. De inversefunctie op een rekenmachine geeft maar één hoofduitkomst. Je moet daarom zelf de tweede familie en de gehele perioden toevoegen. Bij een binnenfunctie los je pas daarna terug naar x. Beperk de oplossingen als laatste tot het gevraagde interval.

\[\sin u=s:\quad u=\arcsin s+2k\pi\ \text{of}\ u=\pi-\arcsin s+2k\pi,\quad k\in\mathbb Z\]

Lees de formule samen met de uitleg. Benoem wat elk symbool voorstelt voordat je getallen invult.

2. Een aanpak die je kunt volgen

  1. Isoleer sinus of cosinus en controleer of de waarde tussen −1 en 1 ligt.
  2. Schrijf beide oplossingsfamilies met perioden op.
  3. Los naar x op en selecteer de waarden in het interval.

3. Uitgewerkt voorbeeld

De opgave
Los sin(x)=1/2 op voor 0≤x<2π.

  1. De eerste basishoek is π/6.
  2. Sinus is ook 1/2 in het tweede kwadrant: π−π/6=5π/6.
  3. Binnen het interval zijn de oplossingen π/6 en 5π/6.

Zo controleer je het: Beide punten hebben op de eenheidscirkel hoogte 1/2. Andere oplossingen liggen een gehele periode verder.

Een veelgemaakte fout

Stop niet bij de inverse-sinusuitkomst. Bij sin(2x)=s is de periode in x gelijk aan π, niet 2π.

Verdieping en verantwoord gebruik

Bij \(a\sin(bx+c)+d\) bepalen de parameters verschillende eigenschappen; amplitude is niet hetzelfde als periode.

Controleer: zijn definities, eenheden en afrondingen duidelijk? Kan een andere leerling je stappen herhalen? Welke uitzonderingen of onzekerheden kunnen het antwoord veranderen?

4. Nu jij

Los cos(x)=0 op voor 0≤x<2π.

Probeer eerst zelf. Schrijf de tussenstappen op en controleer je uitkomst voordat je de uitwerking opent.

Bekijk het antwoord en de redenering

x=π/2 of x=3π/2.

Oefen goniometrische vergelijkingen →

HAVO 5 · Wiskunde B · Een bijpassende opgave opent direct.

Officiële oriëntatie: SLO over havo/vwo-curricula · CBS open data en definities. Deze bronnen helpen bij curriculum- en datataal; ze vervangen geen docent, examenreglement of persoonlijke beoordeling.